Welkom bij Engels!
Vandaag oefenen we met Quantifiers (hoeveelheidswoorden):
many, much, a lot of, lots of, (a) little, (a) few.
Vul alsjeblieft je naam in om te beginnen.
Uitleg: Quantifiers
Countable vs. Uncountable
Voordat je kiest welk woord je gebruikt, moet je weten of een zelfstandig naamwoord telbaar (countable) of ontelbaar (uncountable) is.
- Telbaar: Dingen die je kunt tellen (1 apple, 2 apples, 3 cars). Ze hebben een meervoudsvorm met een -s.
- Ontelbaar: Dingen die je niet kunt tellen (water, money, time, information). Je zegt niet '1 water' of '2 moneys'. Ze hebben geen meervoud.
Much & Many (Veel)
Many = telbaar (met meervoud)
Much = ontelbaar (geen meervoud)
Vaak gebruikt in vragende en ontkennende zinnen, maar mag ook in bevestigende zinnen.
- How many books do you have?
- There aren't many people here.
- She has many friends.
- How much time is left?
- I don't have much money.
- There is too much noise.
A lot of & Lots of (Veel)
Deze gebruik je voor zowel telbaar als ontelbaar. Ze betekenen precies hetzelfde. "A lot of" is iets netter, "Lots of" is iets meer spreektaal. Vooral gebruikt in bevestigende (+) zinnen.
- He eats a lot of apples. (telbaar)
- We have a lot of fun. (ontelbaar)
- There are lots of cars in the street. (telbaar)
- She drinks lots of water. (ontelbaar)
(A) few & (A) little (Een paar / Een beetje)
(A) few = telbaar (een paar)
(A) little = ontelbaar (een beetje)
- I have a few questions. (een paar vragen)
- Very few students knew the answer. (erg weinig studenten)
- Can I have a little milk? (een beetje melk)
- There is little hope left. (weinig hoop)
Let op: met "a" erbij is het positief (een paar/beetje). Zonder "a" klinkt het negatief (weinig).
Resultaten
Goed gedaan, !
🏆 You are a champion! 🏆
Uitstekend gewerkt! Je beheerst de quantifiers fantastisch.
Je hebt een aantal foutjes gemaakt tijdens je eerste poging. Laten we deze verbeteren om er zeker van te zijn dat je het snapt!